| Bidprentjes Historisch |
| Klik >>>> | Dia-show | |
|
BIDPRENTJES |
|
|
| Menig genealoog (stamboomonderzoeker) heeft belangstelling voor bidprentjes met name de doodsprentjes. Deze prentjes krijgen derhalve ook de meeste aandacht. Maar vooraf is de inleiding bedoeld om meer duidelijk te geven in de diverse soorten bidprentjes. | ||
|
INLEIDING |
||
|
De
benaming “bidprentje” geeft duidelijk aan welke dubbele functie deze
prentjes bij de gelovigen hebben vervuld. Zij zijn vooral gebruikelijk bij de
Room Katholieke bevolking. Het waren meestal prentjes waar vaak een gebed op
stond, vergezeld van een afbeelding van Christus, Maria of een andere bekende
heilige. Het was een aansporing tot gebed. De prentjes maakten de heiligen
zichtbaar. Hun leven en lijden schonken troost en bemoediging in alle nood. Op
de achterzijde van de bidprentjes werd vaak de herinnering opgeschreven van een
gebeurtenis in het gezin, de doop, de eerste Heilige Communie of het
overlijden. De
mensen bewaarden de bidprentjes vaak in hun missaal of kerkboek. Kerkelijke en
liturgische vernieuwingen hebben missaals en kerkboeken sterk teruggedrongen en
sommige zelfs helemaal doen verdwijnen. Bidprentjes stammen uit ca. 1500. Van
de bid of devotieprentjes was Antwerpen het oudste en voornaamste centrum. De
oorsprong van de doodsprentjes ligt in Holland. In de loop der tijd zijn voor
bidprentjes verschillende papiersoorten gebruikt. De oudste waren van
perkament, daarna van kant (17e en 18e eeuw). Die van
rond 1870 soms op dun papier.
|
||
| Soorten prentjes | ||
|
DOOPPRENTJES Deze
prentjes werden uitgegeven bij gelegenheid van de doop komen eerst in de 20e
eeuw algemeen voor. COMMUNIEPRENTJES Deze
prentjes werden uitgegeven ter herinnering aan bv. de eerste Heilige Communie
komen reeds in de 18e eeuw voor. VORMSELPRENTJES Deze
prentjes werden uitgegeven ter verwijzing naar de toediening van het Heilig
Vormsel zijn reeds bekend vanaf het einde van de 18e eeuw. VERLOVINGS-EN
HUWELIJKSPRENTJES Deze
prentjes welke overigens erg weinig voorkomen, zijn bekend vanaf 1936. PRIESTERWIJDINGSPRENTJES De
oudst bekende priesterwijdingsprentjes zijn met de hand geschreven, later
kwamen er gedrukte prentjes en pas na 1900 werd het gebruik ervan vrij
algemeen. HEILIGENPRENTJES Deze
prentjes werden ook wel “santjes” (sanctus = heilig) genoemd. Op de
prentjes stonden de heiligen afgebeeld, om de heiligen individueel te
onderscheiden werd de heilige meestal afgebeeld met een of ander kenmerkend
attribuut zoals bv. 1.
De pijlen bij Sint Sebastiaan
2. Het varken bij Antonius Abt 3.
Het kindje Jezus bij Antonius van Padua
4. De heilige Lucia met zwaard 5.
De tand bij de heilige Apolonia Heiligenprentjes
werden uitgegeven ter bevordering van de verering van de heiligen. Deze
heiligen werden bij bepaalde ziekten aangeroepen (bv. bij oogziekten de heilige
Lucia). En bij tandpijn kon men een beroep doen op de heiligen Apolonia. BEDEVAARTSPRENTJES Deze
prentjes dienen ter herinnering aan het bezoek aan een bepaalde
bedevaartsplaats, bv. Kevelaer. Meestal bevatten zij een afbeelding van het
betreffende genadeoord en/of van het bezochte genadebeeld. CONGREGATIEPRENTJES Deze
prentjes bv. van de Mariacongregaties werden maandelijks onder de leden van de
congregatie verdeeld. Zij bevatten een afbeelding van een heilige die
uitgeblonken had in een bijzondere deugd. Verder bevatte het prentje een korte
levensbeschrijving van die heilige, een gebed en een toepasselijke tekst van de
kerkvader. EET-OF
SLIKPRENTJES Deze
prentjes werden in enkele Zuid Duitse bedevaartsplaatsen in winkeltjes te koop
aangeboden. Was men ziek, dan knipte men een klein stukje van de prent af en
liet het de zieke als medicijn innemen. GEBEDSPRENTJES Deze
prentjes bevatten een gebed (bv. Onze vader, Weesgegroet, Tien geboden e.d). HAARPRENTJES In
de periode 1890 tot 1920 werd het haar van de overledene een schilderijtje
gemaakt. Het haar werd afgeknipt, gebleekt en vervolgens verwerkt tot een
bloemmotief. |
||
|
DOODSPRENTJES |
||
|
Deze
vormen de grootste groep onder de bidprentjes . Zij vinden hun oorsprong in
Holland en het gebruik ervan komt later voor in België, Duitsland, Frankrijk,
Engeland en Italië. Zij bevatten op de voorzijde meestal een voorstelling en
op de achterzijde persoonlijke gegevens over de overledene, zoals naam en
voornamen, geboorte en overlijdensdatum, gegevens van echtgenoot, echtgenote en
eventuele kinderen. De
oudst geschreven doodsprentjes komen uit Amsterdam en Haarlem. Gedrukte
doodsprentjes zijn bekend vanaf 1730. Aanvankelijk bevatten zij alleen de naam
en de overlijdensdatum. Vanaf 1870 de aanduiding R.I.P., alsmede bijbelteksten
en eerst vanaf 1825 ook de geboortedatum van de overledenen. Invulprentjes dit
zijn prentjes waarop de persoonlijke gegevens naderhand ingevuld konden worden
zijn bekend vanaf 1764. Waren de eerste bidprentjes voorzien van etsen van
heiligen, in de loop van de 19e eeuw komt daar langzaam verandering
in. De afbeeldingen op de voorzijde veranderen dan in knekelprentjes waarbij
doodshoofden en enkele botten het prentje sieren. Rond 1900 verandert dat in
schetsen van kerkhoven dit in vele variëteiten. De teksten op het prentje
werden aanvankelijk verzorgd door de pastoor. De pastoor had een boekje tot
zijn beschikking waaruit hij de teksten haalde. De teksten waren onderverdeeld
in hoofdstukjes gewijd aan armen, jongelingen, maagden, zondaars enz.
Zonder dat de pastoor de overledenen goed hoefde te kennen
werd het prentje van een passende bijbeltekst voorzien.
En niet te vergeten de aflaten. Een aflaat is de vermindering van
tijdelijke straffen die de overledene in het vagevuur moest ondergaan. Schuld
kon worden verminderd door het uitspreken van gebedjes voor de overledene zoals
bv. ‘Mijn Jezus Barmhartigheid’ ( 100 dagen aflaat) en ‘Zoet Hart van
Maria, wees mijn toevlucht’ (300 dagen aflaat). Pas in de vorige eeuw werden
de prentjes persoonlijker. De teksten die eerst wat summier waren worden steeds
langer en vertellen vaak het levensverhaal in vogelvlucht. Doodsprentjes zijn
een manier om zich de doden te blijven herinneren. Door de doodsprentjes bleven
en blijven de doden in de gemeenschap aanwezig. Wel dient de lezer van het
prentje zich te realiseren dat niet altijd blind kan worden uitgegaan van de
gegevens die het prentje vermeldt daar zij zijn opgesteld door derden (naaste
familie) en niet zijn getoetst op volledigheid. Een grote bid (doods)prentjes verzameling bevindt zich onder meer bij het Centraal Bureau voor Genealogie te Den Haag. De heer Albert van den Heuvel is een bekend particulier verzamelaar, hij bezit meer dan 300.000 prentjes !!. Uit zijn collectie zijn in kopievorm afgebeeld, de doodsprentjes van bekende personen zoals Lady Di, president John F. Kennedy, Astrid Koningin der Belgen . Deze prentjes zijn afgebeeld met toestemming van de heer Van den Heuvel. De bekendste Didamse particuliere bidprentjes verzamelaar is de heer Jan Bolder ( tevens medeoprichter O.V.D en lid) die meer dan 8000 prentjes bezit. |
||
| VOORBEELDEN VAN HISTORISCHE BIDPRENTJES | ||
![]() |
![]() |
![]() |
|
Met
dank aan de heren Van den Heuvel en Bolder, indien de O.V.D. een prentje niet
in haar bezit heeft kan men ook contact opnemen met de heer Albert van den
Heuvel. Contacten met de heer Jan
Bolder inzake Liemerse en Achterhoekse prentjes (uitgezonderd de naamdragers
Bolder) kunnen worden gelegd via Mieke Bouma van de O.V.D.
Maas
en Waalse bidprentjes verzameling.
De
heer ( A.Th.G.) Albert van den Heuvel
Notaris-Steph:-Roesstraat
24a
6645
AJ Winssen
tel.
0487-522001
|
||